HOOGTE

Hoogte kan worden bepaald, zelfs de grootste hoogte kan worden gemeten. We hebben het over het hoogste gebouw ter wereld, de hoogste berg, de hoogste waterval. Hun hoogte is meetbaar en kan dan ook vergeleken worden: de Eifeltoren is hoger dan de Boerentoren.

Maar er bestaat een hoogte die zich aan het meten onttrekt: het absoluut hoge, het verhevene of het sublieme. Het Duits maakt een onderscheid tussen ‘erhoben’ en ‘erhaben’. ‘Erhoben’ is het opgetilde, wat in de hoogte geheven is; ‘erhaben’ is het verhevene, het sublieme, wat helemaal niet hoog of groot hoeft te zijn, wat misschien wel klein van afmetingen is, zoals een Middeleeuws miniatuurschilderij. Het verhevene blijft onmeetbaar en daarom uniek en onvergelijkelijk. Welke maat zou er zijn om sublieme kunstwerken als ‘Zicht op Delft’ van Johannes Vermeer en ‘De waterlelies’ van Claude Monet met elkaar te vergelijken?

De Allerhoogste: zo werd of wordt in het Jodendom naar God verwezen. Zijn naam mag niet worden uitgesproken. In de Hebreeuwse tekst staan vier letters: jod hee vav hee – het tetragram J H W H, in het Westen verklankt tot Jahweh. Hij is de Allerhoogste, de verhevene, de absolute hoogheid. Geen hoogte, maar hoogheid. Die we ook in het kleinste kunnen terugvinden, zoals een Duits gezegde suggereert: ‘Gott steckt im Detail’.

Dit alles lees ik in de volgende verzen van de Poolse dichteres Wislawa Szymborska:

Op geen enkele plaats is meer hemel

dan op enige andere.

De hemel drukt even absoluut

op een wolk als op een graf.

De mol kan zich even hemels voelen

als de uil die zijn vleugels wiegt.

Zelfs de hoogste bergen

zijn niet dichter bij de hemel

dan de diepste dalen.

One thought on “HOOGTE

  1. Wat een mooi blog.
    Maar moet ik ‘het sublieme’ hier anders begrijpen dan zoals ik meende dat Kant het heeft omschreven?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *