GEDICHTENDAG 2017

Zwerversliefde

 

Laten wij zacht zijn voor elkander, kind –

want, o de maatloze verlatenheden,

die over onze moegezworven leden

onder de sterren waaie’ in de oude wind.

 

O, laten wij maar zacht zijn, en maar niet

het trotse hoge woord van liefde spreken,

want hoeveel harten moesten daarom breken

onder den wind in hulpeloos verdriet.

 

Wij zijn maar als de blaren in den wind

ritselend langs de zoom van oude wouden,

en alles is onzeker, en hoe zouden

wij weten wat alleen de wind weet, kind –

 

En laten wij omdat wij eenzaam zijn

nu onze hoofden bij elkander neigen,

en wijl wij same’ in ’t oude waaien zwijgen

binnen een laatste droom gemeenzaam zijn.

 

Veel liefde ging verloren in den wind,

en wat de wind wil zullen wij nooit weten;

en daarom – voor we elkander weer vergeten –

laten wij zacht zijn voor elkander, kind.

 

 

 

 

 

Uit: Adriaan Roland Holst, Voorbij de wegen. (1920)

 

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.